Winterslag nu als Creatief Centrum

 C-mine en Manifesta 9

De Limburgse stad Genk, waar in de buurt een heus urnenveld ter hoogte van Waterschei (Maaseikerbaan) nog het ultieme bewijs van bewoning tijdens het Ijzertijdperk te vinden is, wil zich profileren als een stad die staat voor creativiteit en beleving. Deze zomer trachten zij  een zo breed mogelijk publiek te bereiken met een hoogstaand cultureel, toeristisch en culinair programma.

André Dumont (1809-1857), Belgian geologist

André Dumont (1809-1857), Belgisch geoloog en mineraloog (Foto credit: Wikipedia)

De Leuvense geoloog André Dumont bracht de totale ommekeer voor de landelijke streek. Op zijn initiatief werden er in de Kempische ondergrond boringen verricht waarbij de ingenieurs, waaronder Achille Ampe van 1909 tot 1923 hun geduld beproefd werd.

De dikke steenkoollagen diep onder de grond zouden niet enkel het hele landschap veranderen maar ook andere mensen met andere culturen naar de streek brengen. De buitenlandse ondergrondse werkers werden door de plaatselijke bevolking neit altijd gewaardeerd, maar geleidelijk aan kreeg men er toch een versmelting en meer respect voor de noeste arbeiders. Die ondergrondese werkers zorgden er namelijk voor dat de ontluikende zware industrie in België kon jubelen.  Het kleine landje slaagde door het vinden van dit harde zwarte goud te voorzien in eigen energiebronnen die ontzettend belangrijk waren wilde België economisch iets te betekenen hebben. In Winterslag, Waterschei en Zwartberg werd koortsachtig gewerkt. Mijnsites werden opgericht en tuinwijken gebouwd. 29 en 524, twee cijfers spreken boekdelen. In 1900 was de bevolkingsdichtheid 29 mensen per km², in 1967 waren er dat 524.

Het was in de mijnstreek dat de erste multiculturele samenleving in het jonge België ontstond. Vanaf 1920 waren wegens het tekort aan ondergrondse mijnwerkers, buitenlanders naar hier gehaald. eerst Oost Europeanen,  vervolgens Italianen, Grieken, Spanjaarden en Portugezen. Nog later Turken en Marokkanen. In 1953 kon Waterschei 6 250 mijnwerkers te werk stellen en in 1967 kon het met 1 635 514 ton naar boven gehaalde steenkool haar jaarproductierecord bereiken.

Maar mooie liedjes duren niet lang en in België vond men de arbeidskrachten te duur worden en ging men chinese kolen verkiezen, die ook al kwamen ze van zo ver en waren de werkomstandigheden totaal beneden peil, veel goedkoper en daarom meer begeerd.

Eerst werd de mijn van Winterslag opgeslorpt door het Waalse staalbedrijf Espérance-Longdoz (in 1960) om een paar jaar later overgenomen te worden door de staalreus Cockerill, en tenslotte in 1967 net als de andere overblijvende Limburgse mijnen, opgenomen te worden in de pas gevormde KS oftewel Kempense Steenkolenmijnen. Doch ook deze fusie kon niet verhinderen dat het van kwaad naar erger ging met de Limburgse mijnen, de oliecrisis van de jaren ’70 bracht even verlichting, maar zelfs dan bleven alle mijnen met verlies werken. In 1985 werd voor het eerst gesproken over een sluiting van Winterslag of een fusie met de mijn te Waterschei, maar uiteindelijk zouden in 1987 veel drastischere beslissingen worden genomen.

Vier maanden voor de definitieve sluiting kon een nieuw productierecord van Winterslag bereikt worden in de weken voor 4 december 1987.

De zeven mijnzetels die als paddestoelen uit de grond waren gerezen en uit het niets hypermoderne industriële infrastructuur konden doen verschijnen, lieten nu grote fabrieksgebouwen met de nieuwste en zwaarste machines van het moment, om de moeilijke ontginning mogelijk te maken, ongebruikt achter om tot verval te komen. De streek was door de mijnindustrie meer beriekbaar geworden met spoorlijnen, autobanen en het befaamde Albertkanaal, maar nu bleek er plots geen werk meer te zijn voor de vele harde werkers die een groot deel van hun leven in de diepte der aarde hadden besteed om dit land uit de as te doen herrijzen.

Tussen 1901 en 1992 was het gebied geevolueerd uit het niets tot moderne economische groeipool maar al even snel dreigde de pendel weer in omgekeerde richting te draaien. Wat ooit tot de modernste fabriekinfrastructuur behoorde, dreigde een kleine 100 jaar later tot waardeloos schroot te worden herleid.

De bureaucratische molen draaide zeer traag in België, waardoor zeer veel mooie gebouwen to verval geraakten. Maar uiteindelijk kon er toch gezond verstand gevonden worden om in te zien dat het hoogtijd was om het prachtige erfgoed voor de toekomst te verzekeren.

Men begon er zelfs in te geloven dat het mijnerfgoed de motor kon zijn voor nieuwe economische en culturele ontwikkeling van het gebied. Langzaam maar zeker worden verlaten mijngebouwen gerestaureerd, krijgen ze nieuwe functies, en worden de mijnen opnieuw het centrum van de evoluties die ze 100 jaar geleden in beweging hebben gezet.

Men is er eindelijk bewust van geworden dat de vroegere ondergrondse schatten nu nog vele schatten te bieden heeft. Zo is het C-mine cultuurcentrum één van de eerste sites die mat haar meerdere hoeken en kantjes de mensen uit alle hoeken van Europa weer naar Limburg mag lokken om op avontuur te gaan en schatten te ontdekken.

Op de fundamenten van de mijn van Winterslag, heeft de stad Genk in 2005 een site laten ontstaan die de ambitie heeft creativiteit te stimuleren.  C-mine wil een ontmoetingsplek vormen voor mensen die in hun professioneel leven of in hun vrije tijd geprikkeld willen worden door diverse vormen van creativiteit en creatieve innovatie.  C-mine wil vitaliteit brengen en nieuwe belevingskansen bieden terwijl het de curiositeit stimuleert en uitdaagt tot nieuwe ontdekkingen.

Steenkoolmijn, Winterslag

Op 4 september 2008 kon toenmalig Vlaams Parlementslid en burgemeester van Kapellen, Dirk van Mechelen officieel bekend maken dat hij, namens het Vlaamse gewest, een premie mocht toegekennen voor een nieuwe fase in de restauratie van deze prachtige steenkoolmijn Winterslag.

Na het formele startschot te hebben mogen geven voor een volgende fase van de reconversie tot het multifunctionele en multiculturele “C-MINE” konden de schachtbokken (de oudste en de jongste schachtbok in de provincie, respectievelijk uit 1915 en 1963), de buitenrestauratie van het hoofdgebouw en de machinegebouwen, de restauratie en herbestemming van de lampenzaal, de badzalen tot cinemacomplex, resulteren in complex met een herboren hart.

C-mine wil creatieve innovatie realiseren door verbindingen te leggen tussen academische opleiding en onderzoek, artistieke creatie en presentatie, creatieve economie en creatieve recreatie. De basis voor deze verbindingen wordt enerzijds gevormd door de aanwezigheid op de site van de Media, Arts & Design-faculty van de KHLIM/PHL of hogeschool Media & Design Academie (MDA), van het C-mine cultuurcentrum met een sterk eigen artistiek profiel, de uitbouw van het Design Innovation Lab, de realisatie van het Centrum voor Creatieve Bedrijfsinnovatie en Ondernemerschap met incubator, de aanwezigheid van gerenommeerde creatieve bedrijven en ateliers op de site, de uitbouw van innovatieve toeristische bezoekersattracties, een cinemacomplex Euroscoop,… En anderzijds door het realiseren van sterke samenwerkingsverbanden.

Men heeft de oorspronkelijke infrastructuur van de in 1917 opgerichte steenkoolmijn trachten te bewaren, zoals het was tijdens de hoogtijdagen van de mijn. Het hoofdgebouw, het Energie gebouw, behuist het bezoekerscentrum, cultureel centrum, galerie ruimte en een cafe. Dit alles ligt in en tussen de industriële artefacten, zoals de oude compressor kamer, waar grote machines nog steeds hurken in een grote tegel-vloer zaal, zijkamers waar gigantische wielen de kolen liften aandreven, en het circuit kamer, vol vintage elektrische materiaal en 19de-eeuwse decoratief ijzerwerk.

Nederlands: Hoofdgebouw van de Steenkoolmijn W...

Nederlands: Hoofdgebouw van de Steenkoolmijn Waterschei in Genk (Photo credit: Wikipedia)

Het hoofdgebouw van de mijn, officieel de André Dumont mijn, genoemd naar de ontdekker van de steenkool in Limburg André Dumont-sous-Asch, werd in 1924 voltooid. Na de sluiting in 1987 werd het complex onder de loep genomen: op basis van haar architecturale waarde (en afgewogen tegenover de andere mijnen) werden er vier  gebouwen als erfgoed geklasseerd en beschermd: het hoofdgebouw met mijnwerkerspasserelle die leidt naar een van de overgebleven schachten en het ventilatie- en machinegebouw. De overige infrastructuur werd radicaal met de grond gelijk gemaakt, wat een gigantische open vlakte creëerde en sindsdien de terrils in het landschap  accentueert.
Kenmerkend voor de gehele mijnsite – een ontwerp van Gaston Vautquenne – was de consequent volgehouden Art Deco bouwstijl. Het hoofdgebouw was hierbij het  paradepaardje van de site, met een torenvolume (als ware het een kathedraal van de industrie) ter bevestiging. Zowel mijnwerkers, administratief personeel als directieleden passeerden hier de revue. Met z’n 23.000 m² oppervlakte, verdeeld over vier  verdiepingen, bood het complex ruimte aan bureaus, vergaderruimtes, badzalen, kleedkamers, materiaaldepots, etc. Het gebouw was zeer functioneel opgedeeld, met een groene linkervleugel voor de mijnwerkers en een gele rechtervleugel voor de administratie.
Van de precieze indeling van het hoofdgebouw is er vandaag niet veel meer overgebleven, alleen de kleurindeling bleef intact. Bureaus, meubilair, douches, materiaal, etc., alles werd uit het gebouw weggehaald, met het oog op een snelle en efficiënte heroriëntering. Verschillende visies op toekomstige functies van het overgebleven (en beschermde) gebouwencomplex en het hoofdgebouw hebben vandaag een kaal interieur achtergelaten. Zo goed als alle wanden werden weggehaald waardoor slechts het betonnen skelet is overgebleven.
Hier en daar zijn er nog restanten van het imposante Art Deco interieur overgebleven. Maar het vergt vooral veel verbeeldingskracht om de het oorspronkelijke gebouw in functie voor de geest te halen.
Een van de verdiepingen van het hoofdgebouw wordt door Museum Mijndepot ingenomen, een collectief van ex-mijnwerkers dat de geschiedenis van het Limburgse mijnverleden en de noeste arbeid in de put vanuit hun persoonlijke ervaring en beleving doorgeven. Na Manifesta 9 wordt het hoofdgebouw samen met de andere overgebleven gebouwen opgenomen in de ontwikkeling van een toekomstig Masterplan, Thorpark gericht op
innovatie en kennis.

Aan de nog aan te leggen ‘Houtparklaan’ achter de C-mine site ligt het zogenaamde ‘verwevingsgebied’, dat dienst doet als overgangsgebied van C-mine naar de industriezone Genk-Noord. “De stad kocht het gebied van de nv Mijnen met als doel er bedrijven te huisvesten uit de creatief-economische sector. Dat ligt helemaal in de lijn van C-mine als site van de creativiteit,” verklaart burgemeester Wim Dries.

“We gaan hier dan ook kiezen voor bijzondere architectuur en de stukken openbaar domein zullen we op een uniforme wijze inrichten met veel groen. Dat zal de aantrekkingskracht van deze unieke vestigingslocatie bij bedrijven nog verhogen,” gaat de burgemeester verder.

Mine², een vennootschap in oprichting, is de eerste koper. De gemeenteraad heeft op 3 juli groen licht gegeven voor de verkoop van iets meer dan 26 are. Mine² gaat creatieve ondernemingen als Deusjevoo en Vestal huisvesten en werkt samen met C-Mine Crib om een kleine 1.000 m² extra ruimte aan te bieden voor nieuwe partners. Mogelijkheden zijn onder andere Fablab en Design Hub Limburg. Het Mine²-complex zal atelier- en workshopruimtes omvatten, aangevuld met kantoren en een ontmoetingsruimte voor actoren uit de Limburgse designwereld.

Wie weet terug een begin van een bloeiende periode voor de streek.

De Europese kunstbiënnale Manifesta 9, in het André Dumontmijngebouw in Waterschei, kende bij de opening op 2 juni een blitzstart. De tentoonstelling loopt nog tot en met 30 september 2012.

Manifesta 9 Europese kunstbiënnale Manifesta 9, in het André Dumontmijngebouw in Waterschei, bij de opening op 2 juni

Van 2 juni – 30 september 2012 kan men op C-mine de tentoonstelling The Deep of the Modern vinden in het kader van de nomadische Europese Biënnale voor
Hedendaagse Kunst: Manifesta 9, als een drieluikwaarbij voor het eerste luik een 40-tal internationale hedendaagse kunstenaars worden uitgenodigd om vanuit de lokale context nieuw werk te maken, dat de lokale thematiek linkt aan globale issues.

Met The Deep of the Modern dompelt Manifesta 9 het publiek onder in een dialoog tussen generaties, regio’s, tijdperken en maatschappelijke projecten en laat het de hedendaagse kunst ervaren als één van de krachten die de wereld vorm en gestalte geven.

Kunsthistoricus en wetenschapper Dawn Ades maakt deel uit van het team van curatoren.
Zij brengt haar gigantische expertise mee voor het historisch gedeelte en dat is natuurlijk van primordiaal belang voor Manifesta 9.

Het curatorenteam koos ervoor drie componenten, die nog weerklinken in het voormalige mijncomplex van Waterschei, samen te voegen en een onderlinge wisselwerking tot stand
te brengen:
17 Ton is een reeks presentaties die een verrassende kijk biedt op het materiële en immateriële erfgoed van de mijnbouw in Limburg en tal van andere gebieden in Europa.

Door te verwijzen naar de titel van één van de meest bekende mijnwerkersliederen ooit – 16 Tons, opgenomen in 1946 door Merle Travis – geeft 17 Ton cijfermatig de ‘mogelijkheid’
aan om de traditionele ideeën over erfgoed ‘met één ton te overtreffen’. We maken een onverwachte reis langs objecten en documenten die bewaard worden in musea,  politiearchieven of familieschatten.
Daarnaast zijn er installaties waarin uiteenlopende creatieve disciplines, verleden en toekomst met elkaar verweven zijn.

Het kunsthistorisch luik geeft een overzicht van kunstwerken van 19de en 20ste eeuw die de impact van de steenkoolindustrie tot onderwerp hebben. Het derde luik focust op het uitgebreide erfgoed dat de mijnindustrie Limburg heeft nagelaten.

Tinel stier

Op 10 juli 2012 streek een 8 meter hoge stalen stier neer op de Grote Markt in Genk. Het beeld is van de hand van kunstenaar Koenraad Tinel en verbeeldt de Griekse oppergod Zeus, die als stier de godin Europa ontvoerde. Het kunstwerk hoort bij het project ‘Vertel Genk vertel’, waarbij Tinel en auteur Stefan Brijs op zoek gaan naar bijzondere verhalen van Genkenaren.

+

Voorgaand over de mijnstreek:
Achille Ampe (1885-1943)

Vind o.a.:

  1. Stad Genk
  2. Uit in Genk
  3. C-mine expeditie
  4. C-Mine
  5. C-Mine project
  6. Houthalen-Helchteren om te bezoeken
  7. Mijn van Waterschei
  8. Uit de oude doos: de steenkoolmijn van Winterslag
  9. Vlaams kolenmijn-museum Koolmijnlaan 201, 3582 Beringen
  10. Genk klaar voor start Manifesta (video’s + fotoalbum)
  11. Manifesta 9
  12. Manifest 9 Opens in Waterschei, Genk, Belgium
  13. Beeld van de week: opening Manifesta 9
  14. Beeld van de week: Manifesta 9 in Dag Limburg
  15. Manifesta 9, Museum Ludwig, Cologne, and RAY 2012: Europe’s art summer
  16. Manifesta 9 artist list released
  17. Manifesta 9: Nomadic Identity and Transcultural Art
  18. Manifesta Journal
  19. Manifesta 9: The Deep of the Modern
    Ashington Group, a collective of a few dozen miners, Rocco Granata, Christian Boltanski, David Hammons, Rossella Biscotti, Alberto CavalcantiEdward Burtynsky, Paolo Woods, Ni Haifeng, Igor Grubic,  Mikhsil Karikis and Uriel Orlow
  20. The Deep of the Modern
  21. Manifesta 9 takes visitors into The Deep of the Modern
  22. Parallel events of Manifesta 9
  23. ‘Parallel Events Manifesta 9 : Manifestly Present / ManifestAanwezig’, Kesteel Oud Rekem (BE)
  24. Expo ‘CARBON PRINT’ in Dag Limburg
  25. Manifesta 9  StampMedia – Sarah Cops, Katrien Vandevenne
  26. Genkenaren voor 3 euro naar Manifesta 9
    Dat Manifesta 9 een succesvolle start nam is duidelijk. Meer dan drieduizend internationale journalisten en kunstprofessionals gaven aanwezig op de opening van de tentoonstelling ‘The Deep of the Modern’.
  27. Documenta 13, Manifesta 9,  and Art Basel
  28. Manifesta, the roving European Biennial of Contemporary art
  29. Queen Paola of Belgium visits Manifesta 9
  30. Manifesta-9_17-Tons_Mijndepot-01
  31. Ovver Kunst in Limburg: Manifesta 9
  32. Kunsthart op Manifesta Hart International Manifesta 9 Gazes Into ‘The Deep Of The Modern’
  33. Thijs de Lange Fotos van Manifesta 9
  34. @ Manifesta 9
    Nemanja Cvijanovic – Monument to the Memory of the Idea of the Internationale, 2010
    This was the most pervasive piece in the whole exhibition, since there was this massive sound system outside the building broadcasting every time a visitor used the music box.

About Marcus Ampe

Retired dancer, choreographer, choreologist Founder of the Dance impresario office and archive: Danscontact-Dansarchief plus the Association for Bible scholars, the Lifestyle magazines "Stepping Toes" and "From Guestwriters" and creator of the site "Messiah for all". - Gepensioneerd danser, choreograaf, choreoloog. Stichter van Danscontact-Dansarchief plus van de Vereniging voor Bijbelvorsers, de Lifestyle magazines "Stepping Toes" en "From Guestwriters" en maker van de site "Messiah for all".
This entry was posted in Cultuur, Economie and tagged , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

4 Responses to Winterslag nu als Creatief Centrum

  1. Pingback: C-Mine and Manifesta 9 | Marcus' s Space

  2. Pingback: A second look at Manifesta 9 | Marcus' s Space

  3. Pingback: Pictorial view of Manifesta 9 | Marcus' s Space

  4. Pingback: Beyond Manifesta 9 | Marcus' s Space

Feel free to react - Voel vrij om te reageren

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s